Weeronline

Herfstverwachting: dit is wat je kunt verwachten

31 augustus 2025, 04:52

Seizoensverwachting

De meteorologische herfst staat alweer voor de deur. Kijk je naar buiten, dan lijkt het op sommige plekken in het land zelfs al herfst. Door het droge zomerweer verliezen bomen vroegtijdig hun bladeren. Wat kunnen we deze herfst verwachten? Blijft het wederom vaak droog met mogelijk heerlijk nazomerweer, of krijgen we juist te maken met een natte herfst?

Een gedetailleerde herfstverwachting is natuurlijk niet mogelijk. Wel kunnen we op basis van seizoensmodellen bepaalde trends uitlichten. Daarnaast bespreken we verschillende aspecten om een idee te krijgen van wat tegenwoordig als een ‘normale’ herfst geldt en wat we mogelijk dit jaar kunnen verwachten. In totaal lichten we daarvoor vijf signalen uit.

1. Wat is een normale herfst en wat voor rol speelt klimaatverandering?

In de herfst levert de temperatuur flink in. Zo wordt het begin september overdag gemiddeld nog 21 graden en zitten we eind november nog op slechts 8 graden. In september kan het nog volop warm (na)zomerweer zijn, terwijl het in november al kan winteren. De herfst telt in De Bilt gemiddeld gezien 15 warme dagen (20 graden of meer) en drie zomerse dagen (25 graden of meer). In oktober dient de eerste vorst zich meestal aan en in totaal vriest het in de herfst gemiddeld vijf nachten.

Klimaatgemiddelde voor de herfst over de periode 1994-2023.
Klimaatgemiddelde voor de herfst over de periode 1994-2023.

De dagen worden snel korter in de herfst en het wordt ook somberder. In september schijnt de zon nog 40% van de daglichtperiode, in oktober zakt dit naar 36% en in november zien we de zon slechts 25% van de tijd. Naarmate de zon kracht verliest krijgen we vaker te maken met hardnekkige bewolking of mist.

In alle drie de herfstmaanden valt behoorlijk wat regen (78 mm in september, 86 in oktober en 84 in november), maar toch is er een verschil. In september zijn dit vaak nog kortdurende stevige buien, terwijl het later in de herfst vaker langdurig (mot)regent. Het regent in september 7% van de tijd, in oktober 8% en in november 10% van de tijd.

Lees ook:

De invloed van klimaatverandering op de herfst

Door klimaatverandering is de kans op een relatief warme herfst sowieso groot. De herfst is sinds halverwege de vorige eeuw gemiddeld ruim een graad opgewarmd en het aantal warme dagen (20 graden en meer) is gestegen van 11 naar 15.

Trend klimaatnormaal herfst

Zoomen we in op de herfsten uit deze eeuw dan zien we dat 17 van de 24 herfsten (70%) warmer verliepen dan de toen geldende normaal. Vijf herfstseizoenen (21%) verliepen normaal en slechts twee herfsten (8%) waren kouder dan normaal. De top-10 van warmste herfstmaanden wordt gedomineerd door jaren uit deze eeuw. De laatste koude herfst beleefden we in 2010 met een gemiddelde van 9,9 graden.

De herfst is er ook een stuk natter op geworden. Door de warmere zeeën verdampt meer vocht en de opgewarmde lucht kan meer vocht bevatten. Hierdoor regent het harder dan in het verleden. Aan de wind is niets veranderd.

2. Wat volgt op een warme en droge zomer?

Op een warme zomer volgde in het verleden vaak ook een warme herfst. Van de tien warmste zomers sinds 1901 in De Bilt werden er zes opgevolgd door een warme herfst, twee door een normale herfst en slechts twee door een koude herfst. Juli en augustus van dit jaar verliepen aan de warme kant en juni was zelfs de op één na warmste junimaand ooit gemeten. Daarmee is de zomer van 2025 de boeken ingegaan als de op drie na warmste zomer sinds het begin van de metingen. Als we de statistieken mogen geloven, is de kans iets groter dat ook de herfst warm zal verlopen, maar een zekerheid is dat natuurlijk niet.

Op een droge zomer volgt daarentegen zeker niet altijd ook een droge herfst. Sterker nog, vaak zien we juist dat een droge zomer wordt opgevolgd door een nattere herfst. Een duidelijke samenhang ontbreekt echter. Het weer heeft tenslotte geen echt geheugen en kan, zeker in ons land, van seizoen tot seizoen sterk verschillen.

3. De invloed van een warme Noordzee op de herfst

In de herfstmaanden heeft de Noordzee een grote invloed op het weer in ons land. Na de zomer is de zeewatertemperatuur altijd op zijn hoogst. Doordat het zeewater warm is, kan een aanlandige wind zorgen voor warmer weer dan normaal. Zolang de temperaturen zacht blijven, kunnen we ook later in de herfst nog het effect van de warme Noordzee merken. De zeewatertemperatuur van de Noordzee is dit jaar net iets hoger dan gebruikelijk en kan daardoor een extra impuls geven. Uitzonderlijk warm is de Noordzee op dit moment echter ook zeker niet.

De warme Noordzee heeft ook een keerzijde. Bij onstabiel weer verdampt meer vocht dan wanneer de Noordzee een aantal graden kouder is. Hierdoor ontstaan meer en zwaardere buien. De meeste regen wordt in de herfstmaanden daarom ook altijd in de kustgebieden verwacht. Hoe lang het effect van de warme Noordzee aanhoudt hangt af van het weerverloop. Steekt er voor langere tijd een koude noordwestelijke wind op dan zal de Noordzee geleidelijk weer afkoelen tot rond normale waarden en is het effect voorbij.

Lees ook:

4. Heeft La Niña invloed op ons herfstweer?

De weerfenomenen La Niña en El Niño staan erom bekend wereldwijd grote gevolgen te hebben voor het weer in verschillende seizoenen. Vooral rond de evenaar is hun invloed groot, terwijl die in ons land doorgaans vrij beperkt blijft. Tijdens een La Niña is er wel een verband gevonden met het weer in onze regio in de lente. In de herfst zien we bij een sterke La Niña vaak meer orkanen op de Atlantische Oceaan. Dat maakt de weersverwachting voor Nederland extra onzeker. Restanten van tropische systemen kunnen namelijk Europa bereiken. Afhankelijk van hun koers kan dit leiden tot warm en zonnig weer, of juist tot onstuimige en koele omstandigheden. Dit jaar is er echter sprake van neutrale condities: we bevinden ons dus noch in een El Niño, noch in een La Niña. De invloed van deze fenomenen op ons herfstweer lijkt daardoor dit jaar zo goed als afwezig.

Lees ook:

5. Deze signalen zien we in de seizoensmodellen

Zoals het er nu naar uitziet, start de herfst in stijl. De maand september lijkt namelijk tamelijk wisselvallig te beginnen door overheersende zuidwestenwinden. Daarmee worden geregeld buien en neerslaggebieden vanaf de Atlantische Oceaan aangevoerd. Wat betreft de temperatuur lijken we te maken te krijgen met gebruikelijke waarden van zo’n 19 tot 23 graden. Halverwege september neemt de kans op een wisselvallig weerbeeld wat af, maar een droge periode zit er waarschijnlijk niet in. We kunnen dus hoogstwaarschijnlijk rekenen op normaal septemberweer, en dat betekent regelmatig perioden met regen.

Dichte mist tijdens de herfst in de bossen. Foto: Wouter van Bernebeek
Dichte mist tijdens de herfst in de bossen. Foto: Wouter van Bernebeek

Voor oktober en november laten de weermodellen voorlopig een normaal tot iets natter verloop zien dan gemiddeld. Omdat er in deze maanden van nature al veel regen valt, is de kans groot dat de paraplu in de herfst van 2025 regelmatig nodig zal zijn. De verwachting is dus dat westen- tot zuidwestenwinden vaak zullen domineren. Daarmee worden geregeld buien aangevoerd, maar ook relatief zachte lucht. Seizoensmodellen ondersteunen dit beeld duidelijk. De signalen wijzen erop dat zowel oktober als november warmer zullen verlopen dan gebruikelijk. Dat betekent overigens niet dat het nooit koud kan worden. Ook in een zachte oktober- of novembermaand zijn koude intermezzo's mogelijk, met zelfs kans op nachtvorst.

De herfst start volgens de seizoensmodellen dus met wisselvallig weer. Vanaf halverwege september schakelen we tijdelijk over naar meer gebruikelijk herfstweer, om vanaf oktober opnieuw de overgang te maken naar natter en relatief zacht weer.

Onzekerheid

Seizoensverwachtingen komen zo’n 60% van de tijd uit en daarbij is de verwachting voor één maand vooruit natuurlijk betrouwbaarder dan voor de derde maand. Belangrijk is verder om te beseffen dat seizoensmodellen puur een grove trend voor de maandgemiddelde luchtdruk, temperatuur en neerslag schetsen. Ook in een gemiddeld warme maand kan zomaar een koele week zitten en andersom. Dergelijke details zijn op zijn vroegst aan te geven in onze maandverwachtingen en natuurlijk in ons weerbericht.

Maand- en seizoensverwachtingen voor de herfst (en lente) komen bovendien minder vaker uit dan die voor de zomer en de winter. Dit komt doordat de voorspelbaarheid van de atmosfeer in de overgangsseizoenen, waar kou en warmte elkaar vaak afwisselen, kleiner is. Ook kunnen ex-orkanen in de herfst de verwachting extra onzeker maken.

Lees ook: Zo betrouwbaar zijn maand- en seizoensverwachtingen

Hoofdfoto's: Wouter van Bernebeek (links) / Toon Boons (rechts)

Foto's videothumb: Ben Saanen

Berend van Straaten
Door Berend van Straaten

Meteoroloog